ONDERLIGGENDE REGELGEVING uit het oude Handboek Huisartsopleiding

1 Regeling specialismen en profielen geneeskunst

Op de website van de KNMG, onder de tab 'Opleiding en (her)registratie' staat onder 'Alle regelgeving' de vigerende regelgeving voor de huisartsopleiding, waaronder de laatste versie van de 'Regeling specialismen en profielen geneeskunst'.

De Regeling specialismen en profielen geneeskunst (1 januari 2013) bevat

  • de bepalingen en samenstelling van het college, de registratiecommissie, de adviescommissie en de geschillencommissie
  • hun taken, bevoegdheden en werkwijzen



Disclaimer: We kijken regelmatig of het document niet is verouderd. Als je zeker wilt weten of dit de laatste versie is, kijk dan op de website van de KNMG.


[01 13]

2 Kaderbesluit CHVG

Op de website van de KNMG, onder de tab 'Opleiding en (her)registratie' staat onder 'Alle regelgeving' de vigerende regelgeving voor de huisartsopleiding, waaronder de laatste versie van het 'Kaderbesluit CHVG'.

In het
Kaderbesluit CHVG geldig vanaf 1 januari 2015
Kaderbesluit CHVG 1 januari 2013
zijn de algemene eisen van het College voor Huisartsgeneeskunde, Verpleeghuisgeneeskunde en medische zorg voor verstandelijk gehandicapten (CHVG) opgenomen ten aanzien van

  • de opleiding tot huisarts
  • de erkenning als opleider, opleidingsinrichting of opleidingsinstituut voor de opleiding tot huisarts en
  • de registratie en herregistratie van huisartsen


overzicht van de 2015 aanpassingen in het Kaderbesluit CHVG, de specifieke besluiten en de beleidsregels RGS met de consequenties van de opleiding.

Disclaimer: We kijken regelmatig of het document niet is verouderd. Als je zeker wilt weten of dit de laatste versie is, kijk dan op de website van de KNMG.

Als je vóór 1 januari 2013 aan de opleiding bent begonnen klik dan hier.



[10 14]

3 Besluit Huisartsgeneeskunde CHVG

Op de website van de KNMG, onder de tab 'Opleiding en (her)registratie' staat onder 'Alle regelgeving' de vigerende regelgeving voor de huisartsopleiding, waaronder de laatste versie van het 'Besluit Huisartsgeneeskunde'.

In het besluit Huisartsgeneeskunde (1 januari 2013), zijn de opleidings-, erkenning- en (her)registratie-eisen van het College voor Huisartsgeneeskunde, Verpleeghuisgeneeskunde en medische zorg voor verstandelijk gehandicapten (CHVG) opgenomen ten aanzien van het specialisme huisartsgeneeskunde.

Disclaimer: We kijken regelmatig of het document niet is verouderd. Als je zeker wilt weten of dit de laatste versie is, kijk dan op de website van de KNMG.

Als je vóór 1 januari 2013 aan de opleiding bent begonnen klik dan hier.




[02 13]

3 Competentieprofiel en eindtermen

4 Beleidsregels RGS

Op de website van de KNMG, onder de tab 'Opleiding en (her)registratie' staat onder 'Alle regelgeving' de vigerende regelgeving voor de huisartsopleiding, waaronder de laatste versie van de 'Beleidsregels RGS'.

De Registratiecommissie Geneeskundig Specialisten (RGS) is het orgaan voor (her)registratie, opleiding en erkenning.
Op 1 januari 2013 zijn drie registratiecommissies, namelijk de Medisch Specialisten Registratie Commissie (MSRC), Huisarts, Verpleeghuisarts en arts voor verstandelijk gehandicapten Registratie Commissie (HVRC) en de Sociaal-Geneeskundigen Registratie Commissie (SGRC), samengevoegd tot één commissie: de RGS. Voor ons is de RGS dus de opvolger van de HVRC.

Beleidsregels RGS juni 2015

Disclaimer: We kijken regelmatig of het document niet is verouderd. Als je zeker wilt weten of dit de laatste versie is, kijk dan op de website van de KNMG.



[07 15]

5 Instituutsreglement

Het instituutsreglement beschrijft de belangrijkste regelingen voor de uitvoering van de Huisartsopleiding Erasmus MC in Rotterdam. In het reglement zijn belangrijke wederzijdse verplichtingen opgenomen in aanvulling op de landelijke regelgeving. Het reglement is bedoeld voor aios, (stage)opleiders, stage-inrichtingen en stafleden van de opleiding.

Instituutsreglement Huisartsopleiding ErasmusMC GOEDGEKEURDE VERSIE RGS 1 mei 2013

Aios die op 1 september 2013 reeds in opleiding waren kunnen zich ook beroepen op
Instituutsreglement Huisartsopleiding ErasmusMC GOEDGEKEURDE VERSIE HVRC 270509.pdf




[06 13]

5 Opleidingsplan

5 Raamcurriculum SVUH

In het Raamcurriculum (2005) operationaliseerden de acht opleidingsinstituten gezamenlijk de opleidingseisen. Het geeft de globale inhoud van het onderwijs aan en welke doelen op welk opleidingsmoment worden bereikt. Deze doelen staan omschreven in

  • het Competentieprofiel van de huisarts (in het document: bijlage 1),
  • het ‘Tussenprofiel jaar 1’ en het ‘Tussenprofiel jaar 2’ (in het document:bijlage 2).


Het Raamcurriculum is vastgesteld door de HVRC en biedt een uniform kader op basis waarvan de acht instituten ieder hun eigen opleidingsplan hebben uitgewerkt.

Farmaceutische industrie en de huisartsopleiding


Inleidend
De afdeling huisartsgeneeskunde Erasmus MC trof de regeling 'Gedragsregels voor omgang met de farmaceutische industrie'. In de huisartsopleiding komt het regelmatig voor dat er lastige situaties ontstaan in de omgang met vragen en aanbiedingen van de farmaceutische industrie. Vandaar dat hierover een standpunt wordt geformuleerd, welke een detaillering is van de afdelingsregeling. Bij het formuleren van dit standpunt zijn de volgende overwegingen betrokken:

  • De huisartsopleiding is gediend met een onafhankelijke positie ten opzichte van partijen die belangen hebben in de huisartsopleiding.
  • De overheid financiert de huisartsopleiding met het oogmerk om de huisartsopleiding onafhankelijk te maken van belangen van derden. Mede om dit doel te dienen zijn de huisartsopleidingen ondergebracht bij de Nederlandse universiteiten. Het toezicht op de huisartsopleiding is verzelfstandigd om ook de invloed van de overheid zelf beperkt te houden.
  • De farmaceutische industrie is een van de partijen die belangen heeft naar de huisartsopleiding toe die slechts ten dele overeenkomen met de belangen van de huisartsopleiding zelf.
  • De onafhankelijkheid van de huisartsopleiding dient zichtbaar te zijn.
  • Onderzoeksresultaten maken zeer aannemelijk dat (huis)artsen hun professionele gedrag irrationeel laten beïnvloeden door de farmaceutische industrie.1)


Handelen van de farmaceutische industrie in de praktijk

  • De farmaceutische industrieën doen veel om de aandacht te krijgen van de aios. Dit gebeurt onder andere
    • door het aanbieden van aantrekkelijke cadeautjes, dineetjes of dagjes uit
    • door het –doen- verzorgen van onderwijsprogramma's
    • door combinaties van i en ii
    • door het vragen om medewerking bij ‘onderzoek’
  • In de praktijk van de (stage)opleider en bij nascholingscursussen zien de aios hoe belangrijk de rol van de industrie is bij de nascholing van (huis)artsen.
  • Door een aantal farmaceutische industrieën wordt kwalitatief goede onderwijsprogramma's aangeboden.


Huisregels ten aanzien van de farmaceutische industrie

  • In de huisartsopleiding wordt aandacht besteed aan de relatie arts-farmaceutische industrie . Er wordt in het onderwijs ingegaan op de invloeden op het voorschrijfge­drag van de (huis)arts en op de wijze waarop de huisarts zijn/haar farmacotherapeutisch pakket ontwik­kelt en bewaakt.
  • Onze leer- en onderwijsmiddelen worden verworven zonder bijdragen van de farmaceutische industrie. Dit is ook van toepassing op hulpmiddelen (bijvoorbeeld fantomen) en nevenactiviteiten (bijvoorbeeld afstudeerbijeenkomsten)
  • Het aannemen van vergoedingen (in geld of in natura) door of namens aios of stafleden wanneer zij werken onder verantwoordelijk­heid van de huisartsopleiding, is verboden, ongeacht de gevraagde tegenprestatie.
  • Wanneer een aios of staflid ondanks het bovengestelde toch een relatie wil aangaan met de farmaceutische industrie, gebeurt dat in de vrije tijd of in een andere functie en wordt er geen gebruik gemaakt van de faciliteiten (zalen, porto, adresbestanden etc) van de huisartsopleiding. Van medewerkers wordt verwacht dat zij zich in hun andere functie houden aan de door de KNMG opstelde gedragsregels t.a.v. de farmaceutische industrie (zie bijlage 2 van de afdelingsregeling.
  • Bij twijfel over de te volgen gedragslijn, dient de desbetreffende jaarcoördinator of het hoofd huisartsoplei­ding geraadpleegd te worden.



MT-HAO, december 2000.
Tekstueel aangepast 31 maart 2009
Tekstueel aangepast 15 augustus 2011
Frits Bareman



[08/11]

Leidraad agressie jegens een aios



Inleiding

Wanneer een aios in de opleidingssituatie met agressie jegens zijn of haar persoon wordt geconfronteerd, in welke vorm dan ook, dan is dat vaak een ervaring met potentieel negatieve nawerking. Onderstaande procedure beoogt deze nawerking te verkleinen


Richtlijnen

  1. De aios meldt het voorval zo snel mogelijk aan de opleider én aan de docent(en) en (via de docent(en) of direct) aan het hoofd van de Huisartsopleiding.
  2. In samenspraak met elkaar bepalen de opleider en de aios of en zo ja welke maatregelen er jegens de dader(s) genomen worden, zoals het doen van aangifte bij de politie en het beëindigen van de arts-patiënt relatie met betrokkene(n).
  3. Op korte termijn vindt een gesprek plaats tussen aios en hoofd van de huisartsopleiding, bij voorkeur samen met de docent(en), waarin aan de orde komen:
    • de vraag of de aios persoonlijke hulp of begeleiding nodig denkt te/zou moeten hebben;
    • de vraag of in het kader van de opleiding maatregelen nodig zijn, zoals tijdelijke aanpassing van de opleiding(ssituatie), extra begeleiding van de aios, extra begeleiding van het koppel aios/opleider, (andere) initiatieven richting opleider (bijv. aanpassing(en) in de opleidingspraktijk), etc. NB: ziekmelden draagt vaak niet bij aan normalisering.;
    • de vraag hoe het voorval in de opleidingsgroep te bespreken of al besproken is en welke reacties dit geeft of gaf in de groep;
    • een aanbod voor vervolggesprekken tussen de betrokkenen van de huisartsopleiding en de aios over deze punten;
    • melden van het voorval aan de SBOH (zie punt 6.).
  4. Eveneens op korte termijn vindt een gesprek plaats tussen de betrokken opleider en het hoofd van de huisartsopleiding, bij voorkeur samen met de docent(en). In het gesprek met de opleider komen in ieder geval aan de orde:
    • de visie en reactie van de opleider op het gebeurde;
    • de vraag of in het kader van de opleiding maatregelen nodig zijn, zoals tijdelijke aanpassing van de opleiding(ssituatie), extra begeleiding van de aios, extra begeleiding van het koppel aios/opleider, aanpassing(en) in de opleidingspraktijk, (andere) initiatieven richting opleider en aios, etc.;
    • een aanbod voor vervolggesprekken van de huisartsopleiding met de opleider over deze punten.
  5. Het hoofd van de huisartsopleiding is verantwoordelijk voor c.q. maakt de procedurele afspraken hieromtrent tussen aios (resp. opleider) en de huisartsopleiding. Ook draagt het hoofd van de huisartsopleiding zorg voor vastlegging van de feitelijke gebeurtenissen (proces-verbaal indien voorhanden) resp. de beschrijving van het voorgevallene door aios en opleider, alsmede van de afspraken die ten aanzien van bovengenoemde punten zijn gemaakt en bewaakt, al dan niet samen met de docent(en), zonodig de voortgang van een en ander. Van alle gesprekken die de docent(en) in dit verband met de aios en/of de opleider voeren, wordt een verslag gemaakt, dat wordt toegevoegd aan het dossier van de aios resp. opleider.
  6. De SBOH heeft op zich genomen als meldpunt te fungeren voor aios die zich niet veilig voelen c.q. agressie ondervinden in de opleidingssituatie. De SBOH evalueert binnengekomen meldingen en belijkt aan de hand daarvan welk advies resp. juridische ondersteuning en/of begeleiding wenselijk en mogelijk is. Om die reden wordt elk voorval van agressie door de aios of het hoofd van de huisartsopleiding bij de SBOH gemeld.
  7. Bij aanpassing van de opleiding van de betreffende aios, of in andere gevallen waarin dat nodig wordt geacht, stelt het hoofd van de huisartsopleiding ook de HVRC op de hoogte van het voorval.



Adviezen over de omgang met een incident

  1. In het algemeen wordt het de aios sterk aangeraden om aangifte van het voorval te doen bij de politie. Het is belangrijk dat de opleider daarbij de aios steunt.
  2. Bureau Slachtofferhulp (Westblaak 136 Rotterdam, telefoon 0900-0101) kan steun bieden bij het doen van de aangifte en bemiddelt voor hulp bij emotionele en/of materiële schade. Het Schadefonds Geweldsmisdrijven in Den Haag kan bij schade als gevolg van een geweldsmisdrijf uitkeringen doen zowel t.a.v. materiële als immmateriële schade.
  3. In principe onderneemt de huisartsopleiding geen therapeutische activiteiten richting aios, noch directe activiteiten die in enig verband staan met de juridische afwikkeling van het voorval. Wel wordt hierbij zoveel mogelijk steun geboden. Zonodig vindt hierover overleg plaats met de SBOH.
  4. Het verdient aanbeveling om aan het voorval aandacht te besteden in het stafoverleg van de huisartsopleiding.



Adviezen over het voorkómen van een incident

  1. Het verdient aanbeveling, dat de aios aan de opleider of diens achterwacht altijd laat weten op welk adres de aios een visite aflegt.
  2. Het verdient aanbeveling om, als de aios visitedienst doet in situaties die bedreigend zouden kunnen zijn ('s nachts in als `gevaarlijk' bekend staande wijken, etc.), de chauffeur mee te nemen.
  3. Indien er een verhoogde kans bestaat dat een zwangere aios in de praktijksituatie met agressie en geweld in aanraking komt, dienen de werkzaamheden tijdelijk te worden aangepast (zie het achtergronddocument 'Zwangerschap en reproductie: advies omgaan met risicofactoren zoals chemische en fysische factoren, werkdruk en stress'op de website van de SBOH).
  4. Tijdens het afdelingsonderwijs zal aandacht worden besteed aan het omgaan met agressie en bedreiging. Doelstellingen hierbij zijn aios te leren agressie vroegtijdig te herkennen en zo mogelijk te voorkomen resp. te leren hoe hiermee om te gaan.



Naar voorbeeld van het LUMC(2005),
aangepast door Frits Bareman april 2011
Opnieuw vastgesteld in het CTO 15 juni 2011



[06/11]

Modelinstructie arts al dan niet in opleiding tot (medisch) specialist werkzaam in ziekenhuizen

Procedure wisseling van opleiding



NB: Onderstaande regeling is niet meer geldig voor aios die in september 2015 of later zijn gestart met de opleiding!

Het komt af en toe voor dat artsen aan wie een opleidingsplaats is toegewezen vóór aanvang van de opleiding van opleidingsinstituut huisartsgeneeskunde willen ruilen. Daarnaast komt het voor dat een arts in opleiding tot specialist huisartsgeneeskunde tijdens de opleiding de opleiding aan een ander opleidingsinstituut huisartsgeneeskunde wenst voort te zetten. Voor de ruiling voorafgaand aan de opleiding waren al afspraken gemaakt (notitie procedure bij ruiling opleidingsplaatsen). Nu de curricula aan de verschillende opleidingsinstituten huisartsgeneeskunde in grote lijnen uniform zijn en de selectieve beoordelingsprocedure volgens landelijke richtlijnen plaatsvindt, is het ook mogelijk om aan een verzoek tot wisseling van opleidingsinstituut huisartsgeneeskunde te voldoen. Deze notitie, die tot stand is gekomen na overleg van de Commissie van Uitvoering met de hoofden Huisartsopleiding, geeft de procedure aan voor beide situaties.

Uitgangspunten

  1. Ruiling van opleidingsplaats voorafgaand aan de opleiding en wisseling van opleidingsinstituut huisartsgeneeskunde tijdens de opleiding kan uitsluitend plaatsvinden op basis van belangrijke overwegingen, zulks ter beoordeling van het hoofd van de huisartsopleiding.
  2. Uitsluitend artsen in opleiding tot specialist huisartsgeneeskunde die de selectieve beoordeling aan het einde van het opleidingsjaar zonder problemen hebben doorlopen, komen in aanmerking voor wisseling tijdens de opleiding.
  3. Wisseling van opleidingsinstituut huisartsgeneeskunde kan uitsluitend plaatsvinden aan het eind van het eerste of het tweede opleidingsjaar.


Procedure

  1. Een arts aan wie een opleidingsplaats is toegewezen en die vóór het begin van de opleiding van opleidingsinstituut huisartsgeneeskunde wil wisselen dient een verzoek hiertoe zo spoedig mogelijk, in elk geval tenminste vier weken vóór aanvang van de opleiding, in bij het hoofd van de huisartsopleiding waar de opleiding zou plaatsvinden.
  2. Een aios die van opleidingsinstituut huisartsgeneeskunde wil wisselen dient tenminste drie maanden vóór het eind van het eerste of tweede opleidingsjaar een gemotiveerde aanvraag in bij het hoofd huisartsopleiding waar hij/zij in opleiding is; in de aanvraag dient te worden vermeld aan welk opleidingsinstituut huisartsgeneeskunde de arts de opleiding wenst voort te zetten.
  3. Het hoofd van de huisartsopleidng waar de arts in opleiding zou komen c.q. in opleiding is, overlegt met het hoofd van de huisartsopleiding waar de arts de opleiding wenst te volgen c.q. voort te zetten.
  4. Indien beide hoofden instemmen met het verzoek, berichten zij dat beiden schriftelijk aan de aanvrager; in de brief staat vermeld dat het initiatief tot verandering van opleidingsinstituut huisartsgeneeskunde is uitgegaan van de aanvrager en dat deze zich bij eventuele problemen niet kan beroepen op het gegeven dat de opleiding aanvankelijk aan een andere afdeling zou paatsvinden c.q. heeft plaatsgevonden.
  5. De hoofden verzoeken de aanvrager een kopie van de brief voor akkoord getekend te retourneren.
  6. De RGS wordt door beide hoofden op de hoogte gebracht.



HVRC, 2003
Versie maart 2007 Terminologie aangepast: 'Voortgangskwalificatie' vervangen door 'selectieve beoordeling aan het einde van het opleidingsjaar', 'haio' door 'aios' en 'afdeling Huisartsopleiding' door 'opleidingsinstituut huisartsgeneeskunde' Versie 2014: 'HVRC' vervangen door 'RGS'.
NB toegevoegd in dec 2015.

[12/15]

Regeling arbeidsvoorwaarden

De aios is in dienst van de Stichting Beroepsopleiding tot Huisarts (SBOH), niet van de huisartsopleiding. Alle arbeidsvoorwaarden, waaronder de Collectieve Arbeidsovereenkomst zijn te vinden op de site van de SBOH

De personeelsinformatie op deze site geeft artikelsgewijs een toelichting op de CAO. Daarnaast bevat de personeelsinformatie een samenvatting van het verzuimprotocol, waarin staat wat er van aios wordt verwacht bij ziekte.

Reglementen Adviescommissie en Geschillencommissie

Op de website van de KNMG, onder de tab 'Opleiding en (her)registratie' staat onder 'Alle regelgeving' de vigerende regelgeving voor de huisartsopleiding, waaronder de laatste versies van de 'Reglementen Adviescommissie en Geschillencommissie '.

De Geschillencommissie
De Geschillencommissie behandelt geschillen over de opleiding tussen een aios, opleider of opleidingsinstelling.
De Geschillencommissie behandelt een bezwaar of geschil volgens een daartoe vastgesteld reglement. Het Reglement Geschillencommissie is in overleg met de RGS opgesteld en geldt vanaf 1 januari 2013.

Reglement van orde Geschillencommissie, versie januari 2013

De Adviescommissie
De Adviescommissie behandelt bezwaren die gaan over individuele besluiten van de Registratiecommissie Geneeskundig Specialisten (RGS). Dat kan bijvoorbeeld gaan om een besluit van de RGS om een specialist of een profielarts niet te herregistreren of om een opleidingsinstelling niet te erkennen.
De Adviescommissie behandelt een bezwaar of geschil volgens een daartoe vastgesteld reglement. Het Reglement Adviescommissie is in overleg met de RGS opgesteld en geldt vanaf 1 januari 2013.

Reglement van orde Adviescommissie, versie januari 2013


Disclaimer: We kijken regelmatig of het document niet is verouderd. Als je zeker wilt weten of dit de laatste versie is, kijk dan op de website van de KNMG.

[01 13]

Reglement selectiecommissies

Dit is een landelijk geldend reglement voor selectiecommissies ten behoeve van de toelating tot de huisartsopleiding.

Reglement selectiecommissies huisartsopleidingen versie september 2011.pdf
Reglement sollicitatiecommissies huisartsopleidingen versie september 2014.pdf, geldig vanaf 15 november 2014



[10 14]

STARtclass reglementen



Op de website van Schola Medica staan onder cursussen> spoedzorg alle relevante documenten over de STARtclass jaar 1 en jaar 2, inclusief de reglementen.




[06 14]

Verantwoordelijkheden m.b.t. de patiëntenzorg (HVRC)


Inleiding

De huisartsopleiding is een medische vervolgopleiding na het artsexamen. Deze opleiding is voor het grootste deel een praktijkopleiding waarbij de arts in opleiding tot specialist huisartsgeneeskunde (aios) 'leerwerkperioden' volgt in opleidingspraktijken en opleidingsinrichtingen. Tijdens deze leerwerkperioden neemt de aios deel aan de reguliere patiëntenzorg van de betreffende huisartspraktijk of inrichting (ziekenhuis, verpleeghuis, (A)GGZ-instelling, etc.). Het is van belang dat de verantwoordelijkheden van de diverse bij de opleiding betrokkenen met betrekking tot de patiëntenzorg goed zijn geregeld.

In het onderstaande worden deze verantwoordelijkheden beschreven van aios, opleider, Huisartsopleiding en tijdens de zogenoemde „externe leerwerkperioden” (ELWP-stages) in ziekenhuis, verpleeghuis en overige opleidingsinrichtingen.


De arts in opleiding tot specialist (huisartsgeneeskunde)

De eigen verantwoordelijkheid als arts
Om toegeIaten te worden tot de huisartsopleiding dient men te beschikken over een geldig artsdiploma. Dit diploma geeft de arts de bevoegdheid tot het 'uitoefenen van de geneeskunst in volle omvang'. In het kader van de wet BIG is de arts uitsluitend bevoegd tot het uitvoeren van voorbehouden handelingen, voorzover hij 2) redelijkerwijs mag aannemen dat hij beschikt over de bekwaamheid die vereist is voor het behoorlijk kunnen verrichten van de voorbehouden handeling.

Wat onder bekwaamheid moet worden verstaan wordt in de wet zelf niet nader uitgelegd. Wel kan worden gewezen op de professionele standaard. Artsen dienen conform deze standaard te handelen. In deze zin wordt de (basis)arts dan ook niet als bekwaam beschouwd om de huisartsgeneeskunde te bedrijven. Deze bekwaamheid moet door/tijdens de huisartsopleiding worden aangeleerd en verworven. Het doel van deze vervolgopleiding is om zelfstandig, overeenkomstig de medisch-professionele standaard van de huisarts (zoals het Basistakenpakket en de NHG-standaarden) patiëntenzorg te verlenen. Daarbij vormt het daadwerkelijk ervaring opdoen in de patiëntenzorg de essentie van de opleiding. De aios is dan ook tijdens de opleiding actief praktisch medisch werkzaam, onder begeleiding van een voor de opleiding erkende (stage)opleider. Daarbij blijft de eigen verantwoordelijkheid van de aios als arts gelden. De aios is aansprakelijk voor het eigen medisch handelen.

De verantwoordelijkheid als arts in opleiding
De arts in opleiding werkt onder begeleiding/supervisie. De aios behoort slechts die opdrachten te aanvaarden waarvan hij redelijkerwijs mag aannemen dat hij beschikt over de bekwaamheid die is vereist voor het naar behoren uitvoeren van die opdracht. De aios dient voortdurend af te wegen of hij over voldoende bekwaamheid beschikt om de betreffende medische handeling te verrichten. Bij twijfel hieraan moet de aios van de voorgenomen medische handeling afzien en contact opnemen met de (stage)opleider. Dit geldt overigens niet bij noodzaak tot (onmiddellijk) medisch handelen, wanneer afzien en overleg ontoelaatbaar uitstel zou opleveren. Een probleem hierbij is dat de aios, juist door gebrek aan ervaring, de eigen bekwaamheid niet altijd adequaat kan beoordelen. Om die reden geldt gedurende de gehele opleiding dat de aios bij de geringste twijfel moet overleggen met de (stage)opleider. Daarbij dient de aios de aanwijzingen van de (stage)opleider te volgen.


De opleider

Randvoorwaarden
De verantwoordelijkheid van de opleider bestaat in de eerste plaats uit het (blijven) voldoen aan de eisen die gelden voor erkenning als opleider. Tussen opleider en afdeling Huisartsopleiding is daartoe een overeenkomst gesloten waarin de wederzijdse verwachtingen en verplichtingen ten aanzien van de opleiding zijn vastgelegd, onder andere het deelnemen aan de activiteiten die door de Huisartsopleiding worden georganiseerd in het kader van het opleiderschap.

Eindverantwoordelijkheid voor de patiëntenzorg
De opleider blijft te allen tijde eindverantwoordelijk voor de patiëntenzorg in de eigen praktijk. Het is de opleider die met een patiënt een behandelingsrelatie aangaat (of is aangegaan). Bij het nakomen daarvan maakt de opleider gebruik van de aios (in deze te beschouwen als hulppersoon): de opleider is de opdrachtgever, de aios de uitvoerder. De aios is weliswaar in beginsel verantwoordelijk voor alle handelingen, maar het is de verantwoordelijkheid van de opleider de bekwaamheid van de aios en de in dat licht gegeven opdrachten te bewaken. Doet de opleider dat onvoldoende, dan is hij (ten volle) aansprakelijk, nog afgezien van de vraag of de aios ter zake een verwijt kan worden gemaakt.

Begeleiding/supervisie
Gedurende het deel van de huisartsopleiding dat de aios doorbrengt in de opleidingspraktijk, is de aios actief praktisch medisch werkzaam onder begeleiding/supervisie van een voor de opleiding erkende opleider. De opleider heeft hierbij een eigen verantwoordelijkheid voor de begeleiding van de aios. De begeleiding van het medisch handelen van de aios bestaat uit het nauwgezet controleren en zo nodig corrigeren van deze werkzaamheden. Een essentieel kenmerk van de opleidingssituatie is, dat er gedurende de gehele opleidingsperiode sprake is van begeleiding/supervisie, maar dat bij de mate van begeleiding rekening wordt gehouden met de toenemende bekwaamheid van de aios. De opleider kan zijn mandaat ten aanzien van de zelfstandigheid van de aios in de loop van de opleiding steeds verder verruimen.

Bereikbaarheid
De opleider moet op elk moment dat de aios werkzaamheden verricht in het kader van de opleiding, goed bereikbaar en beschikbaar zijn en zo nodig binnen de daartoe geëigende tijdsperiode ter plaatse aanwezig kunnen zijn. Naast „fysieke” bereikbaarheid, waartoe goed functionerende communicatie-apparatuur noodzakelijk is, moet de opleider op laagdrempelige wijze voor de aios te raadplegen zijn.

Beoordeling
In de loop van een opleidingsperiode moet de opleider de aios in de gelegenheid stellen in toenemende mate zelfstandig werkzaamheden als huisarts te verrichten. Het door de opleider daartoe verstrekte mandaat moet geleidelijk toenemen, op basis van opgebouwde bekwaamheid. Dit is vooral afhankelijk van de voortgang van de opleiding van de aios en zal voor bepaalde onderdelen van het huisartsenwerk (reguliere consulten, controlevisites, etc.) in het algemeen eerder gelden dan voor andere (bv. diensten, medische ingrepen en spoedvisites). Het is de verantwoordelijkheid van de opleider om regelmatig tijdens de opleiding aan de hand van een oordeel over het functioneren, de mate van zelfstandigheid van de aios vast te stellen en te bewaken. Hierbij moet de opleider zich houden aan de aanwijzingen die hiertoe door de Huisartsopleiding worden gegeven.

Zelfstandige periode
Vast onderdeel van de huisartsopleiding is de 'zelfstandige periode in de opleidingspraktijk' (in principe twee weken per jaar). Het is de bedoeling dat de aios gedurende deze periode met zo groot mogelijke, maar controleerbare zelfstandigheid alle voorkomende werkzaamheden in de opleidingspraktijk verricht c.q. „waarneemt” voor de opleider. De opleider dient de aios hiertoe als geschikt te beoordelen én moet zorg dragen voor het effectueren van de noodzakelijke randvoorwaarden. Dit betekent dat de taken als opleider op adequate wijze worden gedelegeerd aan een andere huisarts uit de omgeving: bij voorkeur een andere opleider, of indien dat niet mogelijk is, een huisarts die tenminste vijf jaar in de huisartspraktijk werkzaam is. Aan deze waarnemend opleider worden alle opleidingstaken en -verantwoordelijkheden van de hao gedelegeerd; met name wat betreft bereikbaarheid en beschikbaarheid. Het verdient aanbeveling dit schriftelijk vast te leggen. Ook hierbij dient de opleider de richtlijnen van de Huisartsopleiding te volgen.

Waarneming
Het is belangrijk dat de opleider aan de artsen met wie in het kader van een waarneemregeling wordt samengewerkt (in het algemeen de HAGRO), meldt dat onder zijn verantwoordelijkheid een aios aan de patiëntenzorg deelneemt. Bij eventuele bezwaren zal zonodig een nadere regeling getroffen moeten worden.


Instructie voor artsen in opleiding in de huisartspraktijk

Het is belangrijk dat, in navolging van de opleidingsinrichtingen, ook voor de huisartsopleidingspraktijken een 'instructie voor huisartsen in opleiding' wordt opgesteld, waarin de medische verantwoordelijkheden en bevoegdheden van op te leiden artsen en de opleider worden omschreven. Door de HVRC is daartoe een modelinstructie ontwikkeld en vastgesteld. De modelinstructie is de basis waarop opleider en aios de verantwoordelijkheden ten aanzien van de patiëntenzorg in de opleidingspraktijk vastleggen.


De Huisartsopleiding

De verantwoordelijkheid als opleidingsinstelling
De Huisartsopleiding is als onderdeel van de universitaire vakgroep huisartsgeneeskunde belast met het vormgeven aan de betreffende huisartsopleiding. Het hoofd van de afdeling is verantwoordelijk voor de organisatie, de inhoud en de kwaliteit van de opleiding. De aan de vakgroep verbonden hoogleraar huisartsgeneeskunde is eindverantwoordelijk. Eén van de taken van de afdeling betreft het vaststellen van de randvoorwaarden met betrekking tot vorm en inhoud van het praktisch gedeelte van de opleiding. De Huisartsopleiding zal in dat verband dan ook zorg dragen voor:

  • het verstrekken van goede informatie over de verantwoordelijkheden t.a.v. medisch handelen van aios, (stage)opleider en Huisartsopleiding;
  • het geven van duidelijke richtlijnen over de zelfstandigheid van de aios in opleidingspraktijken en -inrichtingen, met name m.b.t. het deelnemen aan diensten en het zelfstandig verrichten van medische werkzaamheden;
  • het faciliteren en bewaken van de evaluatie van de voortgang van de opleiding van de aios in de opleidingspraktijken;
  • het bewaken van het blijven voldoen van de (actieve) (stage)opleiders aan de hiertoe gestelde vereisten en het volgen van de aanwijzingen van de afdeling;
  • het aanbieden van didactische training en scholing aan (stage)opleiders.

Alle regelingen die verband houden met de verantwoordelijkheden t.a.v. medisch handelen in de huisartsopleiding zijn vastgelegd in het reglement van de afdeling (zonodig nader uitgewerkt in bijlagen), dat aan alle betrokkenen ter beschikking wordt gesteld.

De externe leerwerkperioden
Gedurende de ELWP-stages is de aios werkzaam in een ziekenhuis, verpleeghuis of bij andere instellingen zoals RIAGG's, CAO's etc. Tussen de Huisartsopleiding en de ELWP-inrichtingen is een overeenkomst gesloten waarin de wederzijdse verwachtingen en verplichtingen ten aanzien van de opleiding zijn vastgelegd. De aios werkt onder verantwoordelijkheid van de daartoe erkende stageopleider binnen het in de instelling aanwezige protocol waarin de verantwoordelijkheden en bevoegdheden van arts-assistenten in algemene zin zijn beschreven. Er dient een functieomschrijving voor de aios te zijn met een duidelijke instructie. Als voorbeeld kan dienen de modelinstructie voor arts-assistenten in het ziekenhuis (bijlage 2) en een modelinstructie voor verpleeghuisartsen in opleiding (bijlage 3).


Vastgesteld door de HVRC op 1 mei 1997

Literatuur

CHVG Besluit CHVG no. 1-1994 (Algemene Opleidingseisen Huisartsgeneeskunde).
    Medisch Contact 1994; 49: 964-70.
HVRC. Uitvoeringsregeling bij Besluit CHVG no. 1-1994.
    Medisch Contact 1994; 49: 971-5.
Berkestijn ThMg van, Doppegieter RMS, Kastelein WR, Legemaate J. Arts en aansprakelijkheid.
    Utrecht: Bunge, 1993.
Border MTh. Gezondheidsrecht in de praktijk.
    Houten/Zaventem: Bohn Stafleu Van Loghum, 1993.
Leenen HJJ. Gezondheidsrecht voor opleidingen in de gezondheidszorg.
    Houten/Antwerpen: Bohn Stafleu Van Loghum, 1991.

Versie 2007: aangepaste terminologie (haio werd aios; hao werd opleider; afdeling Huisartsopleiding werd Huisartsopleiding)

Voorwaarden voor een dienstverband bij de SBOH

1) Voor een overzichtsartikel raadplege men bijvoorbeeld: Physicians and the pharmaceutical industry: is a gift ever just a gift? JAMA. 2000 Jan 19;283(3):373-80.
2) In dit hoofdstuk is voor de leesbaarheid de hij-vorm gekozen. Waar 'hij', etc. staat kan ook 'zij', etc. worden gelezen.
handboek/oude_regelgeving/onderliggende_regelgeving_uit_het_oude_handboek_huisartsopleiding.txt · Laatst gewijzigd: 2016/08/19 15:56 door 119675